Builenpest tijdens de regering van Amenhotep III.

Moderator: yuti

Builenpest tijdens de regering van Amenhotep III.

Berichtdoor Philip Arrhidaeus » Do Aug 31, 2006 8:07 pm

Vroeger had ik al eens iets hierover gelezen, maar nog nooit zo omstandig als in de laatste KMT 17/3. Dit artikel door Arielle P. Kozloff is goed, vind ik.
Het was de bedoeling dat dit in de nieuwe ‘Amarna Letters 5’ zou opgenomen worden, maar daarvoor waren volgens Dennis Forbes te weinig inzendingen, dus zal AL5 niet verschijnen.

Zonder heel het artikel weer te geven, wou ik de belangrijkste conclusies even voorleggen aan de Amenhotep III en Amarna-specialisten hier op het forum en hun ideeën hierover vragen.

In het artikel wordt melding gemaakt van een brief (EA11) van de koning van Babylon Burnaburiyas (wellicht Burnaburiash II) naar Amenhotep IV, als antwoord op een eerder bericht dat de echtgenote van de vader van de farao (niet Teje) aan een ziekte overleden was.
Ook Amarna brief EA23 van de koning van Mitanni Tushratta naar Amenhotep III die het ‘bezoek’ aankondigt van een beeld van de godin Ishtar. (Een godin van oorlog, maar ook van vruchtbaarheid, seksualiteit en brenger van leven.)
In EA35 zegt de koning van Cyprus dat Nergal (Oorlogsgod en brenger van ziektes.) al zijn mensen gedood heeft.
http://www.specialtyinterests.net/eae.html
http://www.ancientegyptonline.co.uk/armarnaletters.html

Maar dit zijn niet de voornaamste redenen om aan te nemen dat er een epidemie van builenpest was tijdens de regering van Amenhotep III.
Ik geef hieronder – in eigen vrije stijl - het voornaamste weer (zonder te controleren) wat er in het artikel staat:

- Amenhotep III liet 700 beelden van de godin Sekhmet maken. Ter vergelijking: 1000 beelden van Amenhotep III zelf zijn bekend en slechts 200 van alle andere goden samen uit zijn regeringsperiode.

- Tussen de regeringsjaren 12 tot 20 van Amenhotep III zijn er zeer weinig bronnen. Het eerste (jaar 20) is een inscriptie op het standbeeld van Nebnefer, nu in het Koninklijk Museum voor Kunst en Geschiedenis te Brussel.

- Amenhotep, zoon van Hapu, liet op het einde van zijn leven de volgende tekst plaatsen op een van zijn beelden: “De koning heeft me opgedragen om het Huis van Amon te vast te leggen. Ik heb priesters benoemd op hun plaatsen … nadat … in het geheel land.”
Dit duidt op een groot sterftecijfer onder de priesters, die extra ontvankelijk voor epidemieën waren doordat ze samen in een besloten omgeving werkten en leefden.

- Er is een ernstige daling te zien in het aantal kruiketiketten (jar labels) voor de Sed feesten in de regeringsjaren 30,34 en 37. Dit duidt op een vermindering van arbeidskrachten na de epidemie.

- Volgens verschillende bronnen is er een inkrimping van de populatie te merken in Nubië in deze tijd (o.a. de mindere kwaliteit van de afwerking van de tombes vanaf Amenhotep III) met als gevolg de vermindering van het goud dat Egypte uit deze streek kon bekomen. Dit is ook te merken in de Amarna brieven.

- De periode van vrede gedurende de regering van Amenhotep III zou er op kunnen duiden dat ook de buren van Egypte te lijden hadden van deze plaag en dat eigenlijk niemand in staat was om een aanvalsleger op te richten. Er was immers enkel een campagne in Nubië in het 5de en 6de regeringsjaar en misschien vijandelijkheden met de NO buren in het jaar 12. En dit gedurende 38 regeringsjaar.

- Zou de keuze van zijn paleis te Malkata kunnen duiden op een zich verwijderen van het dichtbevolkte Thebe? Wat meer is: het paleis werd heropgebouwd na het eerste Sed feest. En zou de keuze van Echnaton om Achetaton op nieuwe grond te stichten niet beïnvloed zijn door de epidemie?

- Zou dit laatste en de nieuwe godsdienst van Echnaton ook niet kunnen te maken hebben met het proberen te herstellen van het rijk na het teleurstellende niet ingrijpen van de oude goden?
Is het benoemen van nieuwe priesters en ambtenaren niet logisch na een epidemie?

- Er zijn meer begravingen van verschillende mensen in één locatie voor de regeringsperiode van Amenhotep III dan voor andere, bijvoorbeeld ook begravingen van koppels, waarvan Yuya en Thuya het bekendste voorbeeld zijn. En de wanden van heel wat tombes uit deze periode zijn niet beschilderd, wat zou duiden op het vele werk, het gebrek aan arbeidskracht of het onverwachte overlijden. Ook een vermindering in de kwaliteit van de versiering van grafgiften is merkbaar. (Bijvoorbeeld de beschilderde kistjes van Kha en Merit, die misschien ook samen begraven werden.)
viewtopic.php?t=342&mforum=prkmthetegyptef
Misschien is zelfs KV63 een cache van lijkkisten van slachtoffers waarvoor mummificatie fysiek niet meer mogelijk was of bij gebrek aan gespecialiseerde mensen.

- Stichtte Amenhotep III het Serapeum bij Saqqarah omdat runderen geen builenpest kunnen krijgen?

- Het feit dat Amenhotep III zijn dochters huwde zou kunnen duiden op een poging om de uitgedunde koninklijke familie uit te breiden. Vandaar misschien zijn eigen vergoddelijking om dit een basis te geven?
Liet Amenhotep III zich ten andere vergoddelijken net omdat hij de builenpest overleefd had?

De epidemie zou zich voorgedaan hebben in het begin van de ‘stille’ periode tussen de regeringsjaren 12 en 20, opnieuw rond het 27ste regeringsjaar en misschien nog twee uitbraken de epidemie in de periode van de Sed feesten en misschien in het begin van Echnatons regering.
Gebruikers-avatar
Philip Arrhidaeus
Site Admin
 
Berichten: 6384
Geregistreerd: Do Mrt 23, 2006 3:16 pm
Woonplaats: Vlaanderen

Terug naar Nieuwe Rijk

Wie is er online?

Gebruikers in dit forum: Google [Bot] en 0 gasten

cron